Beleggende verzekeraars: vier verschillende smaakjes

Beleggende verzekeraars: vier verschillende smaakjes

Hoewel schadeverzekeraars de grootste groep verzekeraars zijn in Nederland, zijn er natuurlijk ook de levensverzekeraars, herverzekeraars en natura-uitvaartverzekeraars. Zoveel verschillende individuele verzekeraars als er zijn, zoveel verschillende voorkeuren zijn er in het beleggen. Sinds Solvency is ook kapitaalbeslag een grote factor in het bepalen van de verschillende soorten beleggingen. Op basis van onderzoek uitgevoerd door OHV Vermogensbeheer worden vier archetypen beschreven en wat de risicovoorkeur impliceert in deze marktomstandigheden en met de huidige kapitaalvereisten.

De ‘I love rendement’ verzekeraar

Dit is de verzekeraar, die gaat voor het hoge rendement. Hierbij valt te denken aan beleggingscategorieën zoals private equity, aandelen en bedrijfsobligaties met een CCC rating. Deze categorieën kennen een hoog kapitaalbeslag, maar tevens een hoog verwacht rendement waardoor het netto rendement nog altijd het hoogst is. Daarnaast kan deze groep verzekeraars extra rendement behalen door in te spelen op de beweging van de rente. Hoewel een hoog rendement behalen als verzekeraar vaak wordt veroordeeld door de buitenwereld, dient de verzekeraar aan het eind van de dag toch zijn verzekerden te kunnen uitbetalen. Hiervoor is nu eenmaal rendement voor nodig.

De optimaliserende verzekeraar

Deze verzekeraar gaat voor een gunstige verhouding tussen rendement en kapitaal. Deze kan ook wel de efficiënte verzekeraar genoemd worden. Indien gekeken wordt naar categorieën met een beperkter kapitaalbeslag, geldt dat vooral AT1 obligaties, bedrijfsleningen zonder credit rating en zorgvastgoed een relatief hoog verwacht rendement kennen ten opzichte van het vereist kapitaal. Het verschil tussen bruto en netto rendement na correctie voor kapitaalbeslag is voor deze categorieën echter beperkt.

De zuinige verzekeraar met lage kapitaalkosten

Daarnaast is er nog de verzekeraar, die lage kapitaalkosten als hoogste doel heeft. Voor de volgende categorieën (afgezien van staatspapier) geldt het laagste kapitaalbeslag: onderhandse leningen, AA bedrijfsobligaties, RMBS beleggingen en Nationale Hypotheek Garantie (NHG) hypotheken. Aangezien hier nog altijd een hoog netto verwacht rendement geldt bij langere looptijden, lijkt hier een interessante balans te zijn tussen laag kapitaalbeslag en relatief hoge rendementen. Door de beleggingen in kasstromen te matchen met de verplichtingen kan er tevens een laag kapitaalbeslag worden bereikt.

De veilige en vaak kleine verzekeraar

De veilige en vaak kleine verzekeraar gaat voor enkel staatsobligaties. Hoewel de staatsobligaties niet meer de rendementen geven die we gewend zijn, of zelfs soms negatief, geeft het de verzekeraar wel de meeste veiligheid. Hoewel het een theoretische discussie is of de risicovrije rente bestaat, komt de staatsobligatie als belegging nog steeds het meest in de buurt. Voor een kleine verzekeraar, die zich niet aan ingewikkelde look through rapportages wil wagen, kan dit de uitkomst zijn.

Onderzoek

Deze archetypes zijn gebaseerd op onderzoek dat gedaan is door OHV Vermogensbeheer op basis van marktrendementen en kapitaalvereisten. OHV Vermogensbeheer onderzocht voor verzekeraars het netto verwacht rendement, hetgeen wordt berekend over het totaal van het aan te houden kapitaal en het belegd vermogen. Meer vereist kapitaal leidt op deze wijze tot een lager netto rendement. Bij de onderstaande analyse dient opgemerkt te worden dat in dit artikel het daadwerkelijke risico niet wordt meegenomen. Daarnaast bestaat elke beleggingscategorie uit veel verschillende financiële instrumenten. In dit onderzoek is voor elke beleggingscategorie gekozen voor een financieel instrument met kenmerken, die het beste de categorie vertegenwoordigd. Bij het bepalen van de rendementen en kapitaalvereisten is een duratie genomen van vijf jaar. In Figuur 1 zijn deze resultaten samengevat met betrekking tot het verwacht rendement versus vereist kapitaal per beleggingscategorie weergegeven.

 

 kapbeslag

Figuur 1: Rendement in relatie tot kapitaalbeslag (bron: OHV Vermogensbeheer)

 

Implicaties voor praktijk

Hoewel deze vier archetypes een sterk vereenvoudigde weergave is van de keuze die een verzekeraar dient te maken met betrekking tot vermogensbeheer, geeft het wel enigszins inzicht in beleggingskeuzes en de huidige markt. Elke verzekeraar kan zijn risicovoorkeur vastleggen in een risk appetite document, een beleggingsbeleid en beleggingsplan. Belangrijk daarbij is dat de strategie zo concreet mogelijk wordt vertaald naar beleggingen en dat er een regelmatige update plaatsvindt. In het brede spectrum van rendement behalen tot veilig beleggen is geen strategie direct verkeerd. Als de verzekeraar maar weet welke strategie wordt gevolgd en deze consequent vertaalt in de beleggingen, terwijl de verzekeraar rekening houdt met de kapitaalvereisten van Solvency II.

 

Auteur:            Camiel van Roosmalen MSc RBA

verantwoordelijk voor Institutioneel Vermogensbeheer bij OHV

2017-01-16T14:02:33+00:00 oktober 5th, 2016|Columns|