De nieuwe vermogensrendementsheffing

De nieuwe vermogensrendementsheffing

Op Prinsjesdag hield Saïd Laraj, sr. DSI Beleggingsadviseur bij OHV, de troonrede van de koning in de gaten. Niet vanwege de gouden koets of de jurk van Maxima, maar omdat de regering de vermogensrendementsheffing wil aanpassen. Een week later kwam het Centraal Planbureau met kritiek op de voorgenomen heffing. Het CPB pleit ervoor om sparen en beleggen te belasten op basis van de werkelijke opbrengsten en niet uit te gaan van fictieve rendementen. Laraj deelt die kritiek: ‘Je moet kijken naar het daadwerkelijke rendement. Daar komt nog eens bij dat het merendeel van de vermogende particulieren ondernemers zijn. Zij hebben door de jaren heen vaak ook voor werkgelegenheid gezorgd. Het is dus een beetje raar om hen dubbel te gaan belasten. Aan de andere kant begrijp ik wel dat het kabinet wil dat de sterkste schouders de zwaarste lasten dragen.’

In 2017 moet de heffing ingaan. Vermogende en zeer vermogende particulieren worden getroffen. Veelal zijn dat oudere beleggers. ‘Van hen wordt verwacht dat er 5,5 % rendement wordt behaald op hun vermogen. Over het algemeen gezien hebben zij vanwege hun leeftijd een kortere beleggingshorizon dan een belegger van bijvoorbeeld tussen de dertig en veertig jaar. Als je een kortere beleggingshorizon hebt, dan is kans groot dat je veel minder in aandelen belegt dan iemand die een langere beleggingshorizon heeft,’ legt Laraj uit. Bij ouderen zou de staat de rendementsdoelstellingen dus naar beneden moeten bijstellen. ‘Anders wordt het voor veel oudere beleggers een irreële heffing,’ aldus Laraj, die spreekt van belastingdiscriminatie omdat de belasting bij minder vermogende spaarders omlaag gaat. ‘Er wordt straks onderscheid gemaakt tussen de rijken en mensen die net niet rijk genoeg zijn om deze heffing te betalen.

Cliënten die hun geld deels in beleggingen en deels in spaargeld hebben, lopen volgens Laraj wel een risico. ‘Zij moeten gaan overwegen om hun spaargeld op een defensieve manier te beleggen. We leggen hen uit wat ze kunnen doen om het geld zo defensief mogelijk te beleggen. Tevens willen we ze meegeven hoe ze hun geld zo gespreid mogelijk kunnen beleggen. Wij kunnen hierin adviseren, maar uiteindelijk blijft het aan de cliënt zelf om te bepalen of hij met spaargeld zijn beleggingen wil uitbreiden.’ Wat gaat er gebeuren als de aanpassing in de berekening van de heffing echt doorgaat? Laraj: ‘Mensen worden in de toekomst bijna gedwongen om maatregelen te nemen. Er bestaat een grote kans dat vermogende Nederlanders de gelden wegtrekken uit Nederland en het op buitenlandse rekeningen zetten. Anderzijds kunnen deze mensen hun geld gaan beleggen, zoals bij OHV.’

OHV wil consumenten met veel spaargeld hoe dan ook helpen. ‘We bieden cliënten een obligatieportefeuille aan waarbij we obligaties selecteren die meer opleveren dan een spaarrenterekening.’ Mocht de heffing op spaargeld doorgaan, dan kan OHV daar als bedrijf van profiteren. Laraj: ‘Zoals ik al zei verwachten we dat veel vermogende Nederlanders hun spaargeld gedwongen zullen gaan beleggen. Wij hopen dat ze dit, vanwege ons behoudende karakter, komen beleggen bij OHV. Ja, in die zin biedt de heffing kansen voor ons bedrijf.’ Laraj blijft de ontwikkelingen rond de vermogensrendementsheffing volgen. ‘Er is nu al veel kritiek op het plan, waaronder vanuit het CPB. Dit kabinet zit er nog 1,5 jaar en in die tijd kan er nog van alles gebeuren.’

2015-09-30T14:35:55+00:00 september 30th, 2015|Nieuws, Nieuwsbrief|