Einde groei trackers nog lang niet in zicht

Einde groei trackers nog lang niet in zicht

De stormachtige ontwikkeling van de Exchange Traded Fund (ETF) markt duurt voort. Niet alleen op productniveau, maar ook met het aantal aanbieders. Zelfs Goldman Sachs stapt nu in de wereld van trackers. Beter laat dan nooit zeg maar. Naar mijn idee betekent dit, dat het eind van de wereldwijde groei van ETF’s nog lang niet in zicht is.

Goldman Sachs Asset Management, met wereldwijd meer dan 1 biljoen dollar aan assets onder beheer, heeft afgelopen maandag in de VS zijn eerste ETF gelanceerd. Het is een ETF op Amerikaanse Large Cap aandelen met ticker GSLC. De reden volgens GSAM hiervoor is de groeiende behoefte aan specifieke Goldman Sachs expertise verpakt in een ETF.

Er zullen aanbieders vanuit Azië, VS en Canada naar Europa komen en wellicht komen er ook nieuwe aanbieders vanuit Europa zelf bij. Kostenefficiëntie is een belangrijke factor geweest voor de groei van de markt. Wat je nu ziet is dat ETF’s voor veel partijen de eerste keus zijn voor passieve beleggingen, bijvoorbeeld als vervanging voor futures beleggingen en institutionele mandaten. Ik denk dat er meer actief beheerde ETF’s zullen komen en dat er nieuwe trackers worden uitgevonden, bijvoorbeeld op basis van meerdere beleggingscategorieën.

Belangrijk hierbij is dat de ETF industrie de beleggers goed moet onderwijzen, gelukkig merk ik dat dit al steeds beter gaat. Aanbieders van ETF’s geven regelmatig seminars om de belegger de diverse producten uit te leggen. Ik kom zelf regelmatig bij dit soort events en vind ze zeer nuttig. Professionele en particuliere beleggers bevinden zich in verschillende fases van de leercurve omtrent ETF’s dus is het de kunst voor de aanbieders hiervan om het juiste niveau te vinden.

Er zijn daarom nog steeds veel beleggers die een ETF niet begrijpen. Uw beleggingsadviseur kan u hierbij helpen, die kan de kennis overdragen. Ik ben zelf beleggingsadviseur bij OHV en mijn cliënten raad ik aan om risicospreiding toe te passen in de portefeuille. Vooral belegbare vermogens die kleiner of gelijk zijn aan 250.000 euro zijn zeer geschikt om met ETF’s op te bouwen. Om individueel aandelenrisico te voorkomen, zoals met Volkswagen onlangs, is het beter om in een brede index te beleggen.

Verder komen betere regelgeving en transparantie de ETF-sector ten goede. Een groot aantal beleggers zoekt zekerheid, dat instrumenten voldoende liquide zijn. Er is eerder in DFT hierover geschreven door andere columnisten. Ik wil hier zelf ook even op reageren. In tijden van hoge volatiliteit op de beurzen of paniek kan het voorkomen dat de liquiditeitsverschaffer of market maker wijder gaat stellen dan normaliter. Ik ben zelf market maker geweest en je wil dan het risico beperken. Onder normale omstandigheden is het verschil tussen de bied- en laatprijzen bij trackers redelijk tot laag te noemen, afhankelijk van de gekozen ETF.

Ondanks de grote schommelingen op de beurzen, hebben indextrackers wereldwijd een instroom gezien van 219,7 miljard dollar over de eerste acht maanden van dit jaar, een nieuw record en een stijging van 16 procent ten opzichte van de vergelijkbare periode vorig jaar. Eind augustus bestond het wereldwijde ETF-universum uit 5.926 produkten van 267 aanbieders, die bij elkaar 2,86 biljoen dollar onder beheer hadden. Hierbij wil ik nog opmerken dat het in Europa iets minder hard gaat, zoals met zoveel dingen, dan in Amerika. Er is in Europa dus nog een inhaalslag te verwachten, kortom een garantie voor de toekomst in ETF’s.

Onderstaande grafiek geeft de ontwikkeling weer van de wereldwijde ETF en ETP groei tot eind augustus 2015 (bron: ETFGI).

ETFGI

2017-01-16T14:02:40+00:00 september 24th, 2015|Columns, Michael Mooijer|