Onrust Italiaanse bankensector

Onrust Italiaanse bankensector

In Italië is er de laatste tijd onrust in de bankensector. Beleggers maken zich zorgen over de grote hoeveelheid oninbare leningen, die de banken op hun balans hebben staan. Italiaanse banken hebben een totaal van 360 miljard euro aan slechte leningen volgens Bloomberg. Een kleine 20% van de kredieten zit in de problemen, waar dat in Nederland enkele procenten is. Dit komt deels door de economie in Italië en deels door de insolventiewetgeving. Deze wetgeving maakt het mogelijk dat er tien jaar tussen de aanvraag en de daadwerkelijke uitspraak van faillissement zit. Dit betekent dat deze slechte leningen gedurende lange tijd op de balans van de bank staan, hetgeen onduidelijkheid schept over de gezondheid van een bank.

Directe impact

De oudste bank ter wereld, Monte dei Paschi, verloor op maandag 4 juli 14% van zijn beurswaarde. Op meerdere momenten diezelfde week vaardigde de Italiaanse toezichthouder een tijdelijk verbod uit op de handel van het aandeel van deze bank. Hierdoor kon er niet verder gespeculeerd worden op een koersdaling.

Staatssteun of kapitaalverschaffer

De regering wil helpen, aangezien de aandelen van de Italiaanse banken onder druk staan door het Brexit event. Deze regering loopt echter tegen de grenzen aan van het in EU toelaatbare steunregime, aangezien ze de kapitaalverschaffers wil ontzien. Dit omdat veel bankobligaties in handen zijn van particuliere spaarders. Daarnaast bezitten Italiaanse banken ook veel schuldpapier van elkaar.

Europese overheden mogen pas staatssteun geven als eerst de aandeelhouders en obligatiehouders hun verlies hebben genomen. Dit heet de bail-in clausule. Echter als een bank dreigt te zakken voor de stress test van de toezichthouder, is staatssteun tijdelijk mogelijk. Eind juli komt de Europese Bankenautoriteit met de resultaten van de laatste stresstest. Analisten verwachten dat het grootste probleem bij de Monte dei Paschi bank ligt. Er wordt gespeculeerd over herziening van de huidige Europese regels over staatsteun aan banken om te voorkomen dat de situatie van de Italiaanse banken zich kan verspreiden naar de rest van Europa.

Rome gaf aan het begin van de week na te denken over een door het publiek gefinancierde herkapitalisatie van de banken. Dit kan door de verkoop van converteerbare obligaties aan de overheid en een injectie van minimaal € 3 miljard door de overheid opgezette reddingsfonds voor de bankensector (Atlante).

Reacties

Jeroen Dijsselbloem, minister van Financiën en Eurogroep voorzitter, spreekt zich uit dat de huidige kapitaalverschaffers van Italiaanse banken moeten bijspringen voordat de staat steun kan geven. Dat zijn de regels en zo zullen ze ook worden toegepast door de bevoegde autoriteiten meldt hij. De staat mag overigens wel steun verlenen en er zijn genoeg mogelijkheden om als overheid orde op zaken te stellen. Zoals in het verleden ook gebeurde met Nederlandse, Duitse en Spaanse banken. De Europese Commissie let erop dat staatssteun conform de afspraken wordt gegeven. Dijsselbloem benadrukt dat de nieuwe Europese regels moeten bijdragen aan herkapitalisatie. Wanneer de bank niet meer levensvatbaar is, zal de herkapitalisatie oplopen tot minimaal 8% van de passiva.

Het Internationaal Monetair Fonds (IMF) laat weten in het verslag van de laatste consultatie dat Rome niet zomaar met belastinggeld de Italiaanse banken kan ondersteunen. De Europese richtlijnen moeten worden gevolgd en dat zal betekenen dat de beleggers moeten bijdragen aan de herkapitalisatie.

De ECB heeft laten weten dat Monte dei Paschi, de slechte leningenportefeuille tot eind 2018 met € 10 miljard moet verminderen. Het is eventueel mogelijk dat daar ook een eis tot herkapitalisatie bijkomt als gevolg van een nieuwe stresstest.

Invloed op Europese bankensector

Brexit, nieuwe verkiezingen in Frankrijk en Duitsland volgend jaar en de Italiaanse premier, die zijn politieke carrière verbindt aan constitutionele hervormingen in oktober zorgen voor onrust in Europa. De Italiaanse onrust gooit hier nog een schepje bovenop, maar het is niet duidelijk of dit ook structurele negatieve gevolgen voor de Europese aandelenmarkten heeft.

Hoewel het probleem niet recent is, is dit door Brexit meer onder de aandacht gekomen. Brexit zorgt ervoor dat de economie nog meer gestimuleerd dient te worden. Dit maakt verdere kwantitatieve verruiming en verlaging van de rente van de centrale banken nog waarschijnlijker. Dit zorgt ervoor dat de rentecurve vlakker wordt, waardoor het verdienmodel van de banken nog meer onder druk komt te staan. Banken verdienen immers aan het aantrekken van korte gelden en zetten dit voor langere tijd weg. Met een vlakke rentecurve is hier moeilijker op te verdienen als bank.

Enerzijds staat de Bank Recovery and Resolution Directive (Europese richtlijn) een publieke kapitaalinjectie toe als het instituut voldoet aan de kapitaalvereisten maar nieuw kapitaal dient op te halen als gevolg van de resultaten van een stress test. In Sectie 41 staat dat wanneer het voor een instituut onmogelijk is kapitaal op te halen via de private markten een publieke kapitaalinjectie mogelijk is ter bewaking van de financiële stabiliteit in de context van een systeemcrisis. Mocht anderzijds deze regelgeving niet van toepassing zijn op de situatie in Italië, wordt verwacht dat Europa sneller zal instemmen met het buigen van de Europese regels door Brexit.

De meest voor de hand liggende oplossing is om de herkapitalisatie op te breken. Verliezen te nemen in een deel van de kapitaalstructuur en de rest van de industrie te laten inspringen. Ook kan een gesterkt Atlante fonds een deel van de slechte leningen opkopen. Het Atlante fonds alleen lijkt echter te weinig slagkracht te hebben.

De Italiaanse krant La Stampe rapporteert 12 juli dat er een overeenkomst bereikt zou zijn over een pakket aan maatregelen om Monte dei Paschi te herkapitaliseren. Dit zou tot stand komen door middel van convertible bonds, die door de staat onderschreven worden. Er wordt gesproken over een ad hoc oplossing voordat de stress test resultaten worden gepubliceerd en niet voor het gehele probleem.

Het lijkt erop dat de Europese regels zo gebogen kunnen worden dat directe publieke steun mogelijk is als de institutie in kwestie systeemrisico’s met zich meebrengt. Autoriteiten zoals het IMF en Jeroen Dijsselbloem lijken echter voorstander te zijn van toepassen van de bail-in regeling. De uitkomst van deze onrust is uiteindelijk een politiek spel en derhalve mensenwerk. Dit zorgt ervoor dat de uitkomst daarom ook onvoorspelbaar is.

2017-01-16T14:02:34+00:00 juli 14th, 2016|Nieuws|