Dé tien momenten van 2016

Welke gebeurtenissen uit 2015 zullen ook voor volgend jaar gevolgen hebben voor het financiële landschap en een breuk met het verleden kunnen opleveren?

Vaak is alleen een eerste stap gezet en zijn de gevolgen nog niet zichtbaar.

1. Gaan we betalen voor ons spaargeld? 

De Europese Centrale Bank heeft haar depot faciliteit voor banken verlaagd naar minus 0.30 %. Dit betekent dat Europese banken 0.30% betalen aan de Europese Centrale Bank om haar liquiditeiten te mogen stallen.

Deze faciliteit is er alleen voor banken. Voor niet banken met extreem veel liquiditeiten zoals multinationals en verzekeraars rest de geldmarkt. Daar kunnen ze pas slagen bij AAA debiteuren op tarieven die onder de -0.30% liggen. Hoe lang zal het duren voordat de rentepercentages die vergoedt worden aan particulieren verder naar beneden gaan.

Nu verliezen de banken dus geld op het spaardeposito tarief dat ze u vergoeden. Dit kan omdat banken op andere producten méér aan u verdienen. Maar als de concurrentie voor banken verder toeneemt, zullen deze marges verminderen en dus ook de spaartarieven die ze aan haar klanten vergoeden.

 2. Divergentie centrale banken en Euro/USD 

Dat de Europese en de Amerikaanse centrale banken een uiteenlopend beleid voeren op dit moment is genoegzaam bekend. In Europa wordt er verruimd en de rente verlaagd, terwijl in Amerika de rente recent is verhoogd.

Op dit moment beweegt de Euro/USD zich tussen de 1.05 en 1.10, er is iets extra verruiming in Europa en iets extra aan renteverhogingen in Amerika ingeprijsd. Echter als het verleden een goede graadmeter is, dan laat de eerste renteverhoging vaak lang op zich wachten, maar wordt hij vrij snel opgevolgd door snellere renteverhogingen dan initieel was verwacht.

Op basis van de goede Amerikaanse werkgelegenheidscijfers, is deze basis er. Het is alleen de vraag hoeveel gewicht Yellen nog toekent aan exogene factoren om renteverhogingen uit te stellen. Maar als, zoals verwacht, de Amerikaanse centrale bank haar rente tarieven nog met een volle procentpunt verhogen dan zal de euro zeker verder verzwakken ten opzichte van de dollar.

3. Neemt de politiek het stokje over van de ECB?

Draghi heeft meerdere malen aangegeven dat de Europese Centrale Bank alleen monetaire middelen heeft om de economie verder aan te zwengelen. Hij heeft hiermee gesuggereerd dat dit alleen niet voldoende is en dat het aan de overheden is om andere fiscale stimuleringsmaatregelen te nemen. Er is in 2016 nu genoeg voedingsbodem om over te gaan op een Europees stimuleringsprogramma. Immers er is in diverse Europese landen protest tegen de jarenlange bezuinigingen. Dit heeft geleid tot de opkomst van nieuwe politieke partijen in diverse Europese landen. In sommige landen zijn ze groter dan het politieke establishment. Er komt een moment dat Europa deze ontwikkelingen niet langer als een geïsoleerd geval kan zien zoals Syriza en Podemos. Dus de bestaande orde zal, om zichzelf te redden, de economie moeten gaan stimuleren of de nieuwe partijen doen het. De grootste rem hierop is dat in het belangrijkste land van Europa, Duitsland, het politieke landschap het minst verandert.

4. Gaat de Europese Centrale Bank nog iets anders kopen? 

Om de inflatie aan te wakkeren koopt de ECB diverse obligaties op. De grootste hoeveelheid wordt besteed aan staatsleningen. Echter doordat de ECB zichzelf allerlei beperkingen heeft opgelegd is dit ook van tijdelijke aard.

Ze kocht eerder al hypotheekobligaties op en heeft recent haar terrein verruimd naar agentschappen en regionale overheden. Maar als ze de inflatie echt wil verhogen, dan zal de vraagzijde aan de particuliere kant ook gestimuleerd moeten worden en zal er meer uitgeleend moeten worden aan deze sector.

Normaliter doen banken dit, maar banken worden nog steeds beperkt doordat zij hun kapitaalbuffers moeten opschroeven de komende jaren. Om in dit gat te springen heb je initiatieven zoals crowdfunding en de Europese Kapitaalmarktunie, die direct lenen tussen institutionele beleggers en het bedrijfsleven wil bevorderen.

Echter het eerste is in absolute getallen nog klein en het tweede wordt pas na 2019 gerealiseerd. In de tussentijd zou de ECB in dit gat kunnen springen door bedrijfsobligaties te gaan opkopen.

5. Volatiliteit 

De beweeglijkheid in koersuitslagen in obligaties wordt steeds groter. Dit merkten we wederom in 2015. Behalve dat dit ligt aan unieke factoren zijn de onderliggende redenen structureel van aard en zal dit in nabije toekomst alleen maar toenemen.

Het wordt gevoed door een combinatie van wet en regelgeving en technologische veranderingen. De wetgeving schrijft voor dat banken minder risicovol mogen opereren en daardoor zijn de buffers om orders van derden op te vangen geringer geworden.

Daarnaast is door het internet vrijwel alle informatie voor iedereen op hetzelfde moment beschikbaar, waardoor iedereen op hetzelfde moment hetzelfde wil kopen en/of verkopen. Verder is er de ontwikkelingen van algoritmes. Deze versnellen koersbewegingen omdat veel handelshuizen min of meer dezelfde algoritmes hebben geschreven waardoor als bijvoorbeeld de olieprijs daalt het programma voorschrijft dat dan Duitse staatsobligaties moeten worden gekocht en vice versa. En, last but not least, wordt de handel steeds anoniemer.

Dat is niet goed of slecht, maar het gevolg is wel dat er geen sociaal vangnet meer is, zoals in een dorp, wat tijdelijk gebruikt kan worden als een handelaar een scheve positie heeft. De handel is nu als het leven in een metropool, snel en enerverend, maar je bent op je zelf aangewezen.

6. Fintech en Nederland 

Disintermediatie en disruptie zijn inmiddels modewoorden geworden. De trend en verwachting is dat de tussenpersoon uit de handel gesneden gaat worden en dat dit voor banken grote gevolgen zal gaan hebben. Immers banken zijn de tussenpersoon bij uitstek. U brengt uw spaargeld naar de bank en de bank leent het weer uit aan u als u een hypotheek gaat afsluiten.

De ontwikkelingen op dit gebied zijn wel begonnen in 2015, maar niet zo snel en divers als iedereen misschien verwacht had. Kan een reden zijn dat Nederland misschien gewoon te klein is voor technologische veranderingen? Immers Hyves verloor het ook van Facebook.

Het principe van technologische veranderingen is dat als de basis eenmaal staat je het exponentieel kan uitrollen naar andere gebieden, zoals inderdaad Facebook, Airbnb, LinkedIn, Twitter. Maar is de Nederlandse financiële wereld niet gewoon te klein voor deze dure initiële investeringen en moeten we wachten tot buitenlandse bedrijven ons komen veroveren doordat zij hun producten wel in een grote thuismarkt hebben kunnen beproeven?

7. Neemt het uitlenen weer toe? 

Kredietverlening is de smeerolie van de economie. Zonder kredieten groeit de economie niet. Nadat in de jaren na de kredietcrisis alle loketten bij banken dicht waren, lijkt het erop dat er voorzichtig weer beweging is. Immers de hausse in de Amsterdamse woningmarkt moet ten slotte ook gefinancierd worden en dat in tijden dat de wetgever ieder jaar met stringentere eisen komt hoeveel een huizenkoper mag lenen.

Ook vanuit het MKB komen er weer geluiden dat er te praten valt over bancaire financieringen. Wel zullen banken een voorkeur hebben voor het verstrekken van kortere looptijden en zullen lange looptijden bij voorkeur elders gefinancierd moeten worden.

8. Europese politieke risico’s.

Socialisten, christendemocraten, liberalen domineerden decennia het Europese politieke veld. Inmiddels zijn er in veel Europese landen nieuwe partijen aan het ontstaan die aan populariteit winnen. Om aanhang te krijgen zijn deze nieuwe partijen en/of bewegingen extremer dan de ‘oude’ partijen.

Dit kan ook een impact op bestaande Europese projecten zoals het EMU. Immers Syriza voelde zich ook niet gehouden aan afspraken die gemaakt zijn in het verleden. Welke meer kan ik nu niet inschatten, maar er zit structureel beweging in. Immers zijn socialisten nog wel modern nu er geen fabrieken meer zijn waar arbeiders worden uitgebuit door het kapitaal, en is godsdienst nog wel verankerd in de maatschappij in deze tijden van verstedelijking?

9. Economische voorspellingen 

Wat zal de impact zijn van de daling van de grondstofprijzen op de economische groei. Door deze waardedaling daalt ook de waarde van de exporten van deze producten. Dit zal in veel grondstof-exporterende landen leiden tot een groei neergang. Ik weet niet hoe het uitpakt voor grondstof-importerende landen, in eerste instantie is dit positief omdat er meer overblijft om aan andere zaken te besteden dan grondstoffen. Maar als deze landen ook veel exporten naar landen die grondstoffen exporteren, zullen zij uiteindelijk ook geraakt worden. Hoe dan ook zal de wereldeconomie hierdoor getroffen worden in 2016.

10. Regressie naar het gemiddelde 

December was een uitzonderlijk warme maand. Maar het zal niet zo zijn dat januari en februari gelijksoortig warm zullen zijn. Want uiteindelijk vallen we allemaal weer terug op het lange termijn gemiddelde. Dus als december 10 graden warmer is dan normaal, dan zal dit gecompenseerd worden door koudere maanden in januari, februari en eventueel maart. Dit zou het steuntje in de rug kunnen zijn voor de geplaagde oliemarkt.

2017-01-16T14:02:38+00:00 januari 4th, 2016|- Columns, Erik Bakker|