Toen de financiële en economische crisis toesloeg in 2007, waren de verdedigers van de economie en de financiële markten, de centrale banken, tot tanden bewapend. In de VS stond de Fed-rente op 5,25 procent. De monetaire kruit van de ECB gaf een stand van 4,25 procent aan. 

De crisis die toesloeg bleek echter een bijzondere vorm te zijn, namelijk eentje uit de categorie once in a lifetime. De centrale banken waren gedwongen al hun munitie op te maken en zelfs dat was niet voldoende.

Maar het gevaar is eigenlijk nooit geweken. Voor de Fed, de ECB en andere centrale banken hield dat in dat ze continu op hun hoede moesten blijven, lees er was nauwelijks geen tijd wapens te laden.

De Fed begon wel met rente te verhogen maar is tot 2,25-2,5 procent gekomen en dat bleek het maximaal haalbare te zijn. De ECB kwam zelfs niet van de 0 procent af.

Dat is een enorm probleem nu het er sterk naar uitziet dat het economische tij aan het keren is. De economische expansie in de VS is weliswaar sinds begin juli officieel de langste ooit, een nieuw record die ongetwijfeld met nog wel een paar kwartalen verlengt wordt, maar tekenen dat de groei zal afnemen – persoonlijk houd ik sterk rekening met een recessie in 2020 – zijn inmiddels niet te negeren. Hoewel…bij de ECB en de Fed kunnen ze dat wél. Beide centrale banken zien de groei volgend jaar óf hoger uitkomen of nauwelijks lager dan in 2019.

Zij zien echter ook de risico’s voor die verwachtingen en acteren daarop. Het overgrote deel van de huidige centrale bankiers, zo niet alle, zijn zogeheten keynesiaanse economie. Een van de kenmerken van die economen, is dat ze een van de natuurlijke fases van elke economie, namelijk dat die ook langzaam groeit en af en toe in een recessie belandt, als iets wat niet alleen ongewenst is maar, cruciaal, voorkomen kan worden. Dat doel heiligt alle middelen.

Dat gedrag zien we de laatste maanden wel erg duidelijk optreden. De Fed en de ECB hebben recent in niet mis te verstaan bewoordingen aangegeven alles ervoor over te hebben lagere groei, laat staan een recessie, te voorkomen.

De Fed stelde renteverlagingen in het verschiet, zo niet het opnieuw activeren van quantitative easing. De ECB ging zelfs nog verder. Mario Draghi, ’s banks president, hintte onlangs in een toespraak zelfs over hoe een nieuwe ronde van opkopen van obligaties eruit kan zien. De vraag of dat middel opnieuw ingezet moet worden, lijkt de bank al met een volmondig ‘ja’ te hebben beantwoord.

Draghi zei dat de ECB “geen taboes kent als het op inzetten van onconventionele middelen gaat.” Om dat te onderstrepen zei hij ook dat er “niets, institutioneel of juridisch gezien” bestaat in de eurozone wat “ons verbiedt het beleid nog ruimer te maken.” De uitspraak van het Europese Hof van Justitie enkele jaren geleden dat OMT, een soort quantitative easing zonder limiet, niet in strijd is met het Verdrag van Maastricht, geeft de ECB die ruimte.

De opper-ECB-er vervolgde met de opmerking dat “in afwezigheid van verbetering (Draghi doelde op economische ontwikkeling, op.a.) zodat inflatie niet stijgt naar het streefpercentage, additionele steun nodig zal zijn.” Die onschuldig klinkende zin is in feite een drastische koerswijziging van de bank. Tot voor kort impliceerde de bank steeds dat een verdere verruiming van het beleid nodig zou zijn als de situatie verergert. Door nu alleen al het uitblijven van een verbetering als voorwaarde te stellen, legde hij de lat nog lager voor nieuwe renteverlagingen en opnieuw opstarten van quantitative easing.

Het doel heiligt alle middelen

En mocht na al deze woorden toch nog iemand twijfelen dat het motto van de ECB ‘het doel heiligt alle middelen is’, zei Draghi dat ‘als de crisis iets heeft laten zien, dan is dat dat wij alles zullen doen, binnen ons mandaat, om onze doelstelling te halen.” De kwalificatie ‘binnen ons mandaat’ is een lachertje. Als de crisis namelijk nóg iets heeft laten zien, is dat de ECB zich niets aantrekt van de limieten die haar mandaat bepaalt én dat, als de bank dat doet, het Europese Hof van Justitie dat allemaal toestaat.

Wat ten grondslag van die koerswijzigingen ligt, is de keynesiaanse overtuiging dat economie maakbaar en stuurbaar is. Dat het een overtuiging is, betekent echter niet dat het waar is. Periodes van lage groei en recessies horen onlosmakelijk bij economische ontwikkeling. Een recessie is zelfs iets gezonds, die is het beste te zien als een soort zelfreinigend mechanisme van een economie, die de economie ontdoet van virussen en bacteriën die zich ophopen tijdens periodes van hoge groei.

Centrale banken kunnen veel maar niet alles. Zoals voorkomen dat economische groei afneemt of dat een economie krimpt. Een nieuwe periode van laagconjunctuur zo niet een recessie lijkt op komst terwijl de centrale banken, zoals gezegd, door hun munitievoorraden heen zijn.

Hoewel…ze kunnen nog steeds heel veel doen! Alleen hebben we het dan over nucleaire opties omdat conventionele wapens nagenoeg op zijn. Waar valt dan aan te denken?

Begin deze week sprak de nieuwe hoofdeconoom van de ECB, Philip Lane, op een conferentie in de Finse hoofdstad Helsinki. Daarin zei hij onder meer dat “de ECB altijd open moet staan voor nieuwe ideeën en methoden” om het beleid ruimer te maken.

Nu houd ik me al 20 jaar bezig met de centrale banken en gezien de situatie waarin de ECB zich bevindt, zijn er wel erg weinig andere vormen van beleid die de bank zou kunnen omarmen. Wat de Japanse centrale bank doet, is het enige wat bij mij opkomt.

De monetaire samoerai uit Tokio hebben jaren geleden het gewenste plafond voor de langetermijnrentes bepaald en schuwen geen middel om de rentes eronder te houden. Om het infuus van het hoofdkantoor naar de Japanse economie in werking te houden, kopen ze al enige tijd Japanse aandelen op.

Een ding is voor mij zeker, namelijk dat we een nieuw monetair tijdperk ingetreden zijn. Geologen verdelen de periode sinds het ontstaan van de Aarde is allerlei tijdperken, zoals pleitoceen. Omdat dé meest zichtbare kenmerk van dat nieuwe monetaire tijdperk 0 procent of in het meest gunstige geval zeer lage rentes zijn, doop ik dat nieuwe monetaire tijdperk het nulrentoceen.

In 2012 verscheen mijn boek ‘Geldmoord: hoe de centrale banken ons geld vernietigen’. Daarin keek ik naar de historie van de prijsontwikkeling in de wereld en concludeerde ik dat inflatie een structureel fenomeen is sinds het begin van het tijdperk der centrale banken. Ofwel dat zijn de waarde van het geld uitgehold hebben. Geldmoor dus. Het werd in dat jaar één van de vijf economische woorden van het jaar. Als iemand die niet is geboren in Nederland was en ben ik er trots op een nieuw woord toegevoegd te hebben aan de Nederlandse taal. Ik moet zeggen  dat dat naar meer smaakt. Laat het nulrentoceen het economisch woord van 2019 worden! 

In een vervolg gaan we nader in op dé vraag voor beleggers, namelijk wat voor gevolgen dat voor het beleggen heeft.

Dit artikel is 3 juli jl. gepubliceerd in Fondsnieuws