Geweldig nieuws over de Amerikaanse economie

213.000 nieuwe banen erbij in juni. 2,7 procent hogere lonen vergeleken met een jaar eerder. En de gestegen werkloosheid, van 3,8 naar 4,0 procent. Stuk voor stuk niet alleen goed maar geweldig nieuws over de Amerikaanse economie.

213.000 nieuwe banen is goed nieuws omdat dat cijfer aangeeft dat de Amerikaanse banenmachine op volle toeren blijft draaien. Er zijn zo’n 120.000 banen nodig per maand om de aanwas van de beroepsbevolking op te vangen. Met ruim 200.000 nieuwe banen elke maand vangt de Amerikaanse banenmarkt die aanwas dus ruimschoots op, biedt werkzoekenden volop kansen om een baan te vinden én werkenden om een nog betere betrekking binnen te hengelen.

Dat er dus volop banen en mogelijkheden zijn, betekent dat bedrijven steeds vaker moeten vechten om arbeid. Een goede manier om de juiste werknemers aan zich te binden, is door ze meer loon te bieden. Vandaar dat de lonen in de VS met 2,7 procent zijn opgelopen. En dat percentage komt aardig in de buurt van het ideale percentage.

Wat ik daarmee bedoel, is het volgende. Een loonstijging van 2,7 procent zorgt ervoor dat werkenden hun koopkracht in ieder geval niet zien dalen. De inflatie ligt tussen 2,0 en 2,5 procent, afhankelijk van de gekozen maatstaf, wat inhoudt dat ze er vaak licht op vooruit gaan.

Dat is goed nieuws omdat het enerzijds ervoor zorgt dat ze meer uit te geven hebben en anderzijds dat ze optimistischer worden over de toekomst, waardoor ze ook meer wíllen uitgeven. Het geld rolt dus en dat betekent niets anders dan dat de economische groei hoog blijft.

Een loonstijging van 2,7 procent is tegelijkertijd echter niet zodanig hoog dat het te verwachten is dat bedrijven, geconfronteerd met de hogere en stijgende kosten, hun prijzen gaan verhogen. Zou dat gebeuren, dan zou er behoorlijke opwaartse druk op de inflatie kunnen komen. Dat op zijn beurt zou niet alleen inhouden dat de werkenden hun koopkracht wél zien dalen maar ook dat de Fed wel eens de rente sneller en forser zou moeten verhogen dan de bank nu wil.

Kortom, het bovenstaande betekent dat we in de VS voorlopig te maken blijven hebben met een combinatie van licht stijgende koopkracht, toenemend optimisme en het vooruitzicht op langzame en beperkte renteverhogingen.

De stijging van de werkloosheid is in dit geheel prima nieuws te noemen. De Amerikaanse werkloosheid is in juni gestegen omdat meer mensen die voorheen geen moeite deden een baan te zoeken, dat nu wel gaan doen. Zij laten zich daartoe registreren en worden dan pas als werkloos aangemerkt. Eerder namen ze die moeite niet omdat ze overtuigd waren dat de kans op het vinden van een baan toch nihil was. Dát ze zich nu wel als werkloze aanmelden, geeft aan dat zij die kans inmiddels aanmerkelijk hoger inschatten.

Een van de gevolgen is dat zelfs als het aantal nieuwe banen de komende maanden hoog blijft, daar geen extra hoge opwaartse druk op de lonen hoeft te komen. Immers, de vijver waaruit bedrijven kunnen vissen, loopt vanzelf vol. Toegegeven, dat betekent ook dat er geen verbetering te verwachten valt in de zin dat de koopkracht van de Amerikanen toeneemt, maar die schijn bedriegt. Koopkracht kan ook door andere ontwikkelingen stijgen, bijvoorbeeld doordat de inkomstenbelasting daalt, waardoor huishoudens netto meer overhouden. Laat de Amerikaanse president Donald Trump nu net van plan zijn onder meer die belasting behoorlijk te verlagen in de nabije toekomst.

Macro-economisch gesproken, betekent dat dat de Fed de plannen om de officiële rente langzaam te verhogen, lees 5 keer tussen nu en de Kerst 2019, niet hoeft te wijzigen, in de zin dat er niet meer of snellere renteverhogingen nodig zijn.

Omdat lage rentestanden de aandelenkoersen blijven steunen en potentiële problemen bij huishoudens en bedrijven die veel schulden hebben voorkomen, geeft dat voldoende reden om optimistisch te blijven over de ontwikkeling van de Amerikaanse economie in de rest van 2018 en in 2019.

Er is één aspect aan de stijging van de werkloosheid die mij zorgen baart op de wat langere termijn, namelijk dat ik me in toenemende mate zorgen maak over de Amerikaanse economie in 2020.

Zoals ik schreef en zei, is het bereiken van een dieptepunt in werkloosheid en de daaropvolgende draai een van de betrouwbare indicatoren dat een periode van laagconjunctuur c.q. recessie eraan komt. De komende maanden moeten uitwijzen of de stijging van de werkloosheid in juni van 3,8 naar 4,0 procent betekent dat de Amerikaanse werkloosheid in deze cyclus zijn dieptepunt bereikt heeft en de trend gedraaid is.

 

2018-07-06T15:05:25+00:00juli 6th, 2018|- Columns, Edin Mujagić|