Het kabinet denkt erover een miljardenfonds te vullen waaruit investeringen in de economie kunnen worden betaald. Dat is aantrekkelijk nu de staat zelfs geld toe krijgt bij het afsluiten van staatsleningen.

De haalbaarheid van het plan moet nog worden onderzocht. Zo is nog niet duidelijk hoeveel geld het potje moet gaan bevatten. Uit het fonds kan dan worden geput voor investeringen in bijvoorbeeld infrastructuur, wetenschap en nieuwe technologie als kunstmatige intelligentie. Die moeten de zogeheten ‘verdienkracht’ van de economie op de lange termijn versterken. Zo hoopt het kabinet Nederland, ook als er de komende jaren weer tegenwind opsteekt, te verzekeren van economische groei. De uitgaven verdienen zichzelf dan terug, zo wordt in Den Haag geredeneerd.

Edin Mujagic, hoofdeconoom bij OHV Vermogensbeheer

‘Ik werd ontzettend blij toen ik las over zo’n investeringsfonds van misschien wel vijftig miljard euro. Als er íets goed is voor de economie op lange termijn, dan dit wel. De overheid kan lenen tegen een negatieve rente, en kan dus een fonds voor investeringen in bijvoorbeeld onderwijs, onderzoek of snel internet vullen zonder dat het rente kost. Je bent een dief van je portemonnee als je dat niet doet. Nederland heeft altijd verzuimd de opbrengst van aardgas in een investeringsfonds te stoppen. Dat geld is uitgegeven aan van alles en nog wat. Door de lage rente krijgen we nu een tweede kans. Met zo’n fonds kunnen we de productiviteit van Nederlandse werknemers verhogen. Door de vergrijzing daalt het aantal mensen dat werkt en zijn we voor de economische groei meer dan ooit afhankelijk van hoe productief we zijn. Ik verwacht niet dat Brussel er een stokje voor steekt. Nederland betaalt geen rente, dus het zal niet op de begroting drukken. Ik zou het ook bijzonder ironisch vinden als Europa hier moeite mee heeft, maar niet met Frankrijk en Italië – die al jaren in het rood staan.’

Sweder van Wijnbergen, econoom aan de Universiteit van Amsterdam

‘Ik vind het een heel slecht idee. Het is een staaltje Latijns-Amerikaans boekhouden. Daarmee brengt de overheid uitgaven buiten de begroting. Zo’n fonds brengt geen enkel voordeel, want het wordt binnen de kortste keren misbruikt voor andere zaken. Dat gebeurde in de jaren negentig ook met het Fonds Economische Structuurversterking, waarin aardgasbaten werden ondergebracht. Volgende kabinetten kunnen dit fonds makkelijk terugdraaien, en andere dingen gaan doen met het geld. Er is dus geen enkele garantie dat zo’n fonds doet waarvoor het is opgezet. Op zich is het prima dat het kabinet geld in onderwijs en infrastructuur investeert, want er is veel bezuinigd en de economie begint een beetje wankel te worden. Maar dat kan gewoon via de jaarlijkse begroting – er is gewoon een begrotingsoverschot beschikbaar. Maar politici willen graag een potje geld om mee te spelen. Iedereen is natuurlijk vóór het bevorderen van de economische groei, maar twee jaar later is dat doel alweer vergeten. Het is óf heel naïef, óf een politieke truc om een pot geld opzij te zetten waar geen controle meer op is.’

Sylvester Eijffinger, econoom aan de Universiteit van Tilburg

‘Je kunt de negatieve kanten benadrukken, maar ik vind zo’n fonds een goed idee. Ook de Duitsers willen een fonds van vijftig miljard euro aanleggen. Dat het fonds buiten de begroting staat, vind ik geen probleem, dat is eerder gebeurd om de banken te redden. Met zo’n fonds kunnen we investeren in het verdienvermogen van Nederland, denk aan onderwijs en digitalisering. En we kunnen het ons permitteren: er is een overschot op de begroting, de staatsschuld zit onder de 60 procent en de rente is laag. De overheid kan voor nul procent of een negatieve rente geld lenen op de kapitaalmarkt. Dat is eigenlijk bizar, maar dit is wél het moment om daar gebruik van te maken. Ik denk dat minister Hoekstra van Financiën zo’n fonds wil, omdat je het geld daarmee uit de politieke invloedssfeer haalt. Als je dat niet doet, gaan ministers en staatssecretarissen erom vechten en wordt het niet meer gebruikt om de productiviteit van de economie te verhogen. Ik ben niet zo negatief als Van Wijnbergen. Voorwaarde is wel dat het bestuur van zo’n fonds goed geregeld is. Politici en lobbyisten moeten op afstand blijven.’

Dit artikel is 23 augustus jl. verschenen in het Nederlands Dagblad