Je kon het eigenlijk alleen maar ondergaan. Alle effectenmarkten vielen in december naar beneden in een vrije val. Alle regio’s en alle producten. Alleen de zogenaamde ‘veilige havens’ deden wat ze moesten doen in tijden van stress. Voorbeelden hiervan zoals staatsobligaties van ‘veilige’ landen bleven stabiel.

Een echt paniekgevoel voelde ik niet, de bekende droge keel bleef gesmeerd. Bij mijn collega’s merkte ik ook geen spanning. Tevens niet bij onze institutionele klanten en ook niet bij onze particuliere klanten. De telefoon ging niet vaker over als anders. Al het ‘slechtere’ nieuws was immers al maanden bekend en er was geen nieuwe onverwachte aanleiding waarom de koersen nu zo hard moesten dalen.

Het was me de laatste jaren al vaker opgevallen, dat koersen van diverse regio’s en instrumenten tegelijk bewogen. Dat de onderlinge verbanden alleen maar lijken te zijn toegenomen. Alleen waar vroeger markten vertraagd reageerden op bewegingen elders, gebeurt dit nu naar mijn idee verwoestend snel.

Ik probeerde voor mezelf na te gaan waar dit aan kon liggen. Hieronder geef ik via een opsomming van enkele factoren aan waarom markten nu sneller en feller bewegen.

Globalisme

Eind jaren zestig at ik voor het eerst buitenlands., thuis aan de keukentafel. Plakkerige elleboog macaroni met spekjes, écht Italiaans. Nu vijftig jaar later kan je alle ingrediënten krijgen, in dezelfde kwaliteit als het land van herkomst. Een voordeel van globalisme. Bedrijven verzorgen deze grensoverschrijdende uitwisseling van producten. Dit vergroot uiteraard de onderlinge afhankelijkheid op deze planeet. Een lichte groeivertraging in China betekent dat Europese exporteurs hun omzetverwachting terugschroeven. Dan zal niet alleen de Chinese aandelenmarkt wat dalen maar ook Europese beurzen.

Internet

In 1989 werkte ik voor een Duitse bank. De dag werd afgetrapt door de treasurer. Gekleed in een krijtstrepen pak vertelde hij wat hij de avond ervoor vanuit huis had besproken met zijn contacten in de Verenigde Staten. Deze informatie deelden wij weer in de loop van de ochtend met onze klanten. In 2019 verzamel ik s’avonds meer informatie ‘live’ via internet en sociale media in hetzelfde tijdsbestek dat de treasurer erover deed om via een draaischijf telefoon een twaalfcijferig Amerikaans telefoonnummer te draaien. Dit resulteert in dat waar vroeger vaak de markten pas in de loop van de volgende dag gingen bewegen op gebeurtenissen in de Verenigde Staten dit tegenwoordig al tijdens de avonduren al gebeurt.

Markten

Vroeger kenden de handelaren elkaar. Lokale markten waren als dorpjes en de handelaren kwamen bij elkaar op het dorpsplein om de handen te schudden. En de dorpsoudsten kenden elkaar al decennia. Door deze onderlinge geschiedenis durfden ze ook geheimen met elkaar te delen. Het gevaar van deze verwevenheden heeft menigmaal tot misbruik geleid, vandaar dat de toezichthouders nu willen dat alle onderlinge transacties en communicatie wordt vastgelegd. Echter deze verwevenheid had soms wel een voordeel, bijvoorbeeld als een handelaar een te grote positie had. In plaats van deze rücksichtslos te verkopen nam hij zijn concullega’s in vertrouwen en vroeg de handelaar in kwestie aan zijn concullega’s of deze zijn positie voor een deel konden overnemen. Vaak deden ze dit, in de wetenschap dat als zij zelf in de problemen kwamen het afspreken op bankjes in het dorpsplein hen ook een uitkomst bood.
Tegenwoordig zijn markten jachtige metropolen waar markten twentyfourseven doorrazen en je niemand meer kent. Je weet niet wie diegene is aan wie je verkoopt of van wie je koopt, sterker nog je weet niet eens of dit een mens is of een algoritme. Dat maakt dat bij een te grote of verkeerde positie vaak alles in één keer verkocht wordt en dat deze verkoop weer automatisch andere verkopen in beweging zet.

Uiteraard zijn dit slechts enkele voorbeelden van een toenemende onderlinge verwevenheid. Deze tonen aan dat ook op effectenmarkten de wereld steeds meer op elkaar gaat lijken. Dat dus ook problemen op deze aardbol alleen door globale samenwerking opgelost kunnen worden.

Deze column is 24 januari jl. gepubliceerd in DFT.nl