Is passief beleggen echt beter?

Voor dit artikel zijn drs. Richard Abma en Otto Bazuin, CFA (portfoliomanagers OHV) geïnterviewd over actief beleggen. OHV belegt voor haar klanten op een actieve wijze, maar de laatste jaren maakt het zogenaamde ‘passief beleggen’ een opmars. In dit interview achterhalen we waarom OHV blijft vasthouden aan een actieve stijl.

Klopt het beeld dat passief beleggen vanwege de lage kosten op de lange termijn meer oplevert dan actief?

Otto: “De kosten voor passief beleggen zijn uiteraard extreem laag, maar je haalt er ook enorm veel risico mee binnen. Je gebruikt namelijk een standaard; je volgt iets. Als je bijvoorbeeld een op marktkapitalisatie gewogen index volgt, ga je automatisch mee met de grootste sector. Maar misschien zitten in die sector juist wel de grote risico’s. In 2000 hebben we dit bijvoorbeeld gezien met de IT-bubbel.”

Richard: “Ik denk dat er wel degelijk actieve beleggers zijn die laten zien dat ze passieve beleggers gemakkelijk kunnen verslaan. Denk aan een Howard Marks of een Warren Buffet. Dat zijn actieve beleggers die de benchmark over de afgelopen 30 tot 40 jaar structureel hebben verslagen.”

En geldt dat ook voor OHV?

Richard: “Wij hebben de afgelopen jaren inderdaad ook de benchmark verslagen. Ik denk dat we op jaarbasis met het obligatiegedeelte de benchmark met 1 tot 2 procent hebben verslagen. Op de aandelenkant schommelt het een beetje vanwege het dollareffect. Op de langere termijn hebben we, bijvoorbeeld met de crisis in 2008, een enorme outperformance gehaald, die we nooit meer hebben weggegeven.”

Otto, kan jij wat voorbeelden geven van aandelen waarmee je denkt op structurele basis de passieve belegger te kunnen verslaan?

Otto: “Over het algemeen volgen passieve beleggers gewoon een index en kijken ze niet naar de waardering, onderliggende waarde en trends in bepaalde sectoren. Dat doen wij wel. Wij kijken namelijk naar bepaalde waarderingsmaatstaven. Daar worden ook individuele bedrijven in meegenomen waarvan wij denken dat ze het op de lange termijn goed zullen doen.”

Richard, kan jij dezelfde vraag beantwoorden voor de obligatiekant?

Richard: “Wij voegen asymmetrisch risico toe. Dit houdt in dat we bij het veilige deel zoveel mogelijk proberen te spreiden. Aan de andere kant, het high yield-gedeelte, spreiden we niet over gigantisch veel titels, omdat we veel van de balans van het bedrijf weten en hiermee een meerwaarde creëren voor de belegger. We kunnen de extra rendementen dan namelijk binnenhalen. Dit zorgt ervoor dat we in een asymmetrisch structuur terechtkomen. Dit betekent dat je voor een groot deel een soort ETF (exchange-traded fund) bent en een klein gedeelte van je expertise laat zien. Dat is naar onze mening een hele sterke verdeling om op lange termijn tot een hoger rendement te komen dan met een passief fonds.”

Otto: “Bij high yield passieve fondsen zie je dat ze een hele grote weging hebben in de oliesector. Wij kunnen dit voorkomen en tegelijkertijd waarde toevoegen. Verder zijn niet alle obligaties aanwezig in passieve fondsen. Je belegt namelijk vaak in de leningen van bedrijven met de grootste schulden, terwijl bedrijven met weinig schulden vanwege het lagere risico juist interessant kunnen zijn. Deze worden niet in een passieve index opgenomen.”

Richard: “Waar we wel naar kijken, is om die kosten relatief laag te houden. Er zit niet veel verschil tussen wat een passief fonds kost en wat ons actieve fonds kost.
Wat dat betreft heb je voor een klein beetje extra op de langere termijn een veel beter rendementsperspectief.”

Otto: “Daarnaast kunnen wij met onze actieve benadering beter op de kortetermijnontwikkelingen inspelen. Ook kunnen wij door onze eigen executiedesk makkelijker schakelen en hebben we toegang tot de wereldwijde markt. Vaak zijn alle indices hetzelfde. Als een ETF dus eenmaal verkocht wordt, worden al de onderliggende bedrijven tegelijkertijd verkocht en wordt de verkoopprijs minder. Wij selecteren ook bedrijven die niet in ETF’s voorkomen.”

Zou je dan eigenlijk kunnen zeggen dat je makkelijker actief kunt beleggen als professional dan als particulier?

Richard: “Het is goedkoper en sneller als je direct toegang hebt tot de effectenmarkten. Dit geldt ook voor onze toegang tot de primaire markt van nieuw uit te geven obligaties. Deze komen met een extra premie die gunstig is voor de belegger. Een ETF die een benchmark volgt zal nooit kopen via de primaire markt Die obligatie zit dan nog niet in de index, omdat dit drie tot zes maanden duurt. Je haalt dus nooit de voordelen met die nieuwe uitgaven. Dit is echt een nadeel van passieve beleggingen.”

Het is dus eigenlijk het verschil tussen vlees halen bij een keurslager of in een supermarkt?

Otto: “Precies!”

Benieuwd naar de rendementen die wij op basis van een actief beleggingsbeleid hebben gerealiseerd?

Via de onderstaande knop kunt u het rendementsoverzicht van ons opvragen.

Rendementsoverzicht opvragen
2018-07-30T12:02:25+00:00juli 16th, 2018|Richard Abma|