Beleggen in obligaties werd gedurende de recente correctie op de aandelenmarkten weer een stuk aantrekkelijker. Door de onzekerheid die op de beurzen ontstond liep de kredietspread op bedrijfspapier behoorlijk op. Deze verdubbelde zelfs even.

Inmiddels bewegen aandelen alweer sterk hoger sinds begin dit jaar waardoor kredietopslagen ook weer dalende zijn.

Levi Strauss & Co

Toch zie ik nog steeds legio obligaties die een mooi rendement bieden met een acceptabel risicoprofiel. In augustus 2017 (https://www.ohv.nl/levi-strauss-co/) noemde ik al eens de in Euro genoteerde obligaties van Levi Strauss. Met een effectief rendement van 2,7% destijds en een rating van Bb+ naar mijn mening een prima toevoeging in een obligatieportefeuille. Inmiddels zijn we anderhalf jaar verder en is het effecief rendement gedaald naar 2,4% per jaar met een looptijd van nog precies 8 jaar. Aangezien de Nederlandse staatsrente voor een 8 jaars looptijd ongeveer 0% is betekent dit een aanzienlijke kredietopslag voor een belegging in het bedrijf Levi Strauss & Co.

Vakiflar Bank

Een ander voorbeeld is de Turkse Vakiflar bank. Deze instelling heeft een Euro genoteerde obligatie uitstaan met als onderpand panden met hypotheken. De waarde van de hypotheek is gemiddeld de helft van de waarde van het pand waar de hypotheek op rust. Daarnaast hebben ING en BNP Paribas het wisselkoersrisico in de obligatie gegarandeerd. Oftewel, voldoende zekerheden om een stap richting Turkije te wagen. Het effecief rendement op deze obligatie bedraagt 3% per jaar tot en met 2021. Als ik dit vergelijk met de 2 jaars staatsrente die een negatief rendement laat zien van ongeveer 0,5% dan is de risico opslag met 3,5% hoog te noemen.

Degelijk rendement

Dit zijn twee voorbeelden van obligatiebeleggingen die ten opzichte van de risicovrije rente een behoorlijke extra marge bieden. Veel beleggers hebben er echter geen weet van dat deze kansen bestaan. Voornaamste reden is dat de obligatiemarkten stukken moeilijker te doorgronden zijn dan aandelenmarkten. Iedere obligatie kent haar eigen voorwaarden en daarmee variaties in kredietwaardigheid. Ook kunnen veel obligaties niet gemakkelijk worden aangeschaft bij de huisbank waar wordt gebankierd.

Ik ben van mening dat vooral grotere vermogens met een goede spreiding ook in deze tijden van lage rentes nog prima een degelijk rendement kunnen maken met het beleggen in obligaties van bedrijven. Dit zijn daar slechts twee voorbeelden van.

 

Deze column is 28 februari jl. gepubliceerd in DFT.nl